de zin van ziek zijn

 

                                                                                                                               


Start
wat is oorruis
oorzaken
behandelingen
stress
mijn verhaal
onze maatschappij
de zin van ziek zijn
nieuwe kijk op ruis
mijn visie
benadering oorruis
mijn methode
coaching
tips
links

mail

 

 

                              

De zin van ziek zijn 

Uit het boek     "De zin van ziek zijn" 
van Thorwald Dethlefsen en Rüdiger Dahlke

Genezing betekent de pool die in de schaduw is verdrongen 
weer tot zijn recht laten komen.

Ziekte is een toestand van de mens, die aangeeft dat de mens in zijn bewustzijn niet meer in orde resp. in harmonie is. Dit verlies van een innerlijk evenwicht manifesteert zich in het lichaam als symptoom. Het symptoom is daardoor signaal en drager van informatie, want het ontbreekt door zijn optreden de tot dan toe vloeiende stroom van ons leven en dwingt ons aan het symptoom aandacht te schenken. Het symptoom geeft ons het signaal, dat wij als mens, als geestelijk wezen ziek zijn, d.w.z. het evenwicht van de innerlijke geestelijke krachten verloren hebben. Het symptoom geeft  ons de informatie dat ons iets mankeert. Het mankeert aan bewustzijn en in plaats daarvan heeft men een symptoom. Dat betekent dat het symptoom een partner is die hem kan helpen iets wat hem ontbreekt te vinden.

Ziek-zijn hoort bij gezondheid zoals dood hoort bij het leven. Onze ijdelheid maakt ons even blind en vatbaar als die keizer, wiens nieuwe kleren geweven waren van zijn eigen illusies.
Maar onze symptomen zijn niet om te kopen. Zij dwingen ons tot eerlijkheid. Zij maken door hun bestaan duidelijk, wat ons in werkelijkheid nog ontbreekt, wat wij niet tot zijn recht laten komen, wat in de schaduw ligt en gerealiseerd wil worden en waar wij eenzijdig zijn geworden.

Ontdekken wij in een symptoom een ons ontbrekend principe, dan is het voldoende het symptoom te leren liefhebben, want het verwerkelijkt al het ons ontbrekende.
Het symptoom mag niet verhinderd, maar moet overbodig gemaakt worden door in zijn bewustzijn toe te laten wat hem ontbreekt.

Wie voortdurend vol ongeduld naar het verdwijnen van het symptoom zit te kijken, heeft het concept niet begrepen.
In het symptoom leeft het schaduwprincipe en wanneer wij dit principe aanvaarden kunnen we moeilijk tegelijkertijd het symptoom bestrijden. Hier ligt een sleutel. Het accepteren van het symptoom maakt het overbodig. Weerstand wekt tegendruk op. Het symptoom verdwijnt op zijn vroegst dan, wanneer de patiënt zijn weerstand tegen het symptoom heeft opgegeven. Het loslaten van die weerstand geeft namelijk aan, dat hij de geldigheid van het in het symptoom gemanifesteerde principe heeft begrepen en aanvaard.
Dit kan men uitsluitend en alleen bereiken door te "kijken".
Alleen het “ kijken naar” maakt bewust. 

De officiële geneeskunde vermijdt zorgvuldig het symptoom te interpreteren, te duiden, en verbant op die manier zowel symptoom als ziekte  in de onbeduidendheid. Maar daarmee verliest het signaal zijn eigenlijke functie - de symptomen werden signalen zonder betekenis.
Laten wij voor de duidelijkheid een vergelijking gebruiken:
een auto heeft verschillende controlelampjes op het dashboard, die alleen maar gaan branden als de één of andere belangrijke functie van de auto niet meer functioneert zoals het moet. Wanneer nu in een concreet geval tijdens een rit zo'n lampje gaat branden, vinden wij dat allesbehalve leuk. Dit signaal is voor ons aanmaning te stoppen. Maar ondanks onze rationele verontrusting zou het dom zijn om boos te worden op het lampje; tenslotte gaf het ons informatie over een proces, dat wij anders niet zo snel hadden waargenomen, omdat het voor ons in een "onzichtbaar" bereik ligt. Dus brengt het branden van het lampje ons tot het initiatief een monteur erbij te halen met het doel, dat na zijn tussenkomst het lampje niet meer gaat branden en wij rustig verder kunnen verder rijden. Maar wij zouden erg boos zijn, als de monteur dit doel bereikte alleen door het gloeilampje weg te halen. Weliswaar brandt het dan niet meer - en dat wilden wij eigenlijk ook - maar de weg die naar dit resultaat leidt, is voor ons toch te simpel. We denken dat het zinniger is  om het opflikkeren van het lampje overbodig te maken. Maar men zou dan wel zijn blik van het lampje af moeten wenden en moeten richten op het daarachter liggende gebied om te ontdekken, wat er eigenlijk niet in orde is. Het lampje wilde door te gaan branden slechts ergens op wijzen, en aanleiding zijn dat wij ons iets zouden gaan afvragen. 

Wat in dit betoog het lampje was is in ons betoog het symptoom. Wat er zich ook in ons lichaam als symptoom manifesteer
t, is de zichtbare uitdrukking van een onzichtbaar proces en zou door zijn signaalfunctie de door ons tot dan toe  gevolgde weg willen onderbreken, er op wijzen, dat iets niet in orde is. en ons ertoe brengen om ons zelf vragen te stellen. Ook hier is het dom om boos te zijn op het symptoom en eenvoudigweg absurd het symptoom te willen uitschakelen, door het te verhinderen zich te manifesteren. Het symptoom mag niet verhinderd, maar moet overbodig gemaakt worden. Om dit te bereiken moet men natuurlijk ook hier zijn blik van het symptoom afwenden en dieper kijken wil men leren begrijpen waar het symptoom op wijst.

Vragen:

Waartoe word ik door het symptoom gedwongen?
Waarin word ik door het symptoom belemmerd?

Wat ontbreekt ons?
Wat laten we niet tot zijn recht komen?
Waar zijn wij eenzijdig geworden?


                                                               naar boven